Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft advies gekregen van de advocaat-generaal in een zaak tussen een Duitse gokker en gokbedrijf Tipico. Volgens de A-G hoeven lidstaten elkaars gokvergunningen niet te erkennen; Tipico had dus een Duitse vergunning nodig. Omdat die ontbrak, kunnen gokkers in principe hun geld terugvorderen. Er geldt echter een uitzondering als de overheid harde garanties heeft gegeven dat er niet gehandhaafd zou worden. In dat geval hoeft het gokbedrijf niet terug te betalen, maar verschuift de aansprakelijkheid voor de geleden schade naar de overheid zelf.
De advocaat-generaal (A-G) van het Europese Hof van Justitie heeft advies uitgebracht over een zaak die een Duitse gokker aanspande tegen het online casino Tipico. De gokker verloor tussen 2013 en 2020 geld bij Tipico terwijl Tipico geen vergunning had om in Duitsland online kansspelen te mogen aanbieden. De Duitse man vorderde daarom zijn gokverliezen terug uit die periode.
Maltese vergunning niet geldig in Duitsland
Volgens Tipico was het gokbedrijf wel vergund, omdat het bedrijf een Maltese gokvergunning had. Het vrije verkeer van diensten van de Europese Unie zou er volgens Tipico voor zorgen dat het bedrijf ook in Duitsland actief mocht zijn.
De advocaat-generaal is het echter niet met de stelling van Tipico eens. Volgens de A-G mogen lidstaten van de Europese Unie zelf (strenge) regels bepalen als het gaat om kansspelen. Duitsland mocht dus zelf bepalen dat gokbedrijven pas online kansspelen mochten aanbieden als zij daar een vergunning van de Duitse overheid voor hadden gekregen. Een lidstaat, in dit geval Duitsland, is volgens de A-G niet verplicht om de vergunningen van andere lidstaten zoals Malta te erkennen.
Tipico stelde dat het niet mogelijk was om een vergunning aan te vragen waardoor het bedrijf terugviel op haar Maltese vergunning. De advocaat-generaal is van mening dat het bedrijf niet zelf kan bepalen dat een andere vergunning recht geeft om kansspelen aan te bieden in Duitsland.
“In dergelijke omstandigheden mag de exploitant niet zonder vergunning diensten op de markt gaan aanbieden als een vorm van „zelfhulp“, aangezien dit ernstige risico’s voor de consument met zich mee zou brengen. In de regel moeten de nationale autoriteiten het recht behouden om die eis af te dwingen en bij overtreding de strafrechtelijke, bestuursrechtelijke of civielrechtelijke sancties op te leggen waarin de nationale wetgeving voorziet.”
Advocaat-Generaal Europese Hof van Justitie
Gokverliezen terugbetalen
Volgens het advies van de advocaat-generaal mogen Duitse rechters dan ook bepalen dat gokbedrijven zoals Tipico de gokverliezen van spelers moeten terugbetalen. De overeenkomsten zijn immers nietig volgens het Duitse recht en dus is het terugbetalen van de gokverliezen gerechtvaardigd, zo stelt de A-G.
Wel laat de advocaat-generaal weten dat dit niet in alle gevallen gerechtvaardigd is. Er moet dan gekeken worden naar hoe de situatie destijds was, en hoe de overheid en toezichthouders omgingen met de gokbedrijven die actief waren in Duitsland. Het terugbetalen van gokverliezen kan als onevenredig worden beschouwd als er sprake was van gedoogbeleid.
Er moet dan wel sprake zijn van ‘nauwkeurige, onvoorwaardelijke, en consistente garanties' van ‘geautoriseerde en betrouwbare bronnen binnen de overheid' dat de vergunningsplicht niet gehandhaafd zou worden. Het is aan de nationale rechters om te bepalen of deze garanties daadwerkelijk zijn gegeven.
“Indien Tipico echter van de Duitse autoriteiten precieze, onvoorwaardelijke en consistente toezeggingen heeft ontvangen dat de vergunningsplicht niet tegen haar zou worden afgedwongen, zolang zij aan bepaalde basisvoorwaarden voldeed, kan haar geen schuld worden toegerekend voor het overtreden van de omstreden vergunningsregeling.
“In dergelijke omstandigheden dienen de Duitse rechtbanken gebruik te maken van de mechanismen die het Duitse privaatrecht biedt om Tipico vrij te stellen van de betrokken civielrechtelijke gevolgen. Indien de consumenten in dergelijke omstandigheden schade hebben geleden, kan eventuele aansprakelijkheid alleen worden gedragen door de overheidsinstanties die de toezeggingen hebben gedaan. Deze kwestie moet worden beoordeeld door de nationale rechter, in dit geval het Bundesgerichtshof.”
Advocaat-Generaal
Het advies van de advocaat-generaal is niet bindend, zoals dat eerder ook zo was bij het advies voor de prejudiciële vragen die in Nederland gesteld waren. Het is ook in deze zaak afwachten of het Hof van Justitie van de Europese Unie het advies gaat overnemen.
Lead-foto via PRO SHOTS / Jos Hummelen.