Preventieve interventies die kansspelaanbieders inzetten na het signaleren van risicovol gokgedrag blijken slechts beperkt effectief. Dat blijkt uit recent literatuuronderzoek van Arkin en de VU, uitgevoerd in opdracht van ZonMw en de Kansspelautoriteit (Ksa). De meeste interventies leiden hooguit tot kleine en tijdelijke veranderingen in gokgedrag, terwijl er nauwelijks bewijs is dat zij effectief zijn bij spelers met een hoog risicoprofiel.
Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van beleidsontwikkeling rond de zorgplicht van kansspelaanbieders onder de Wet Kansspelen op afstand (Koa). De uitkomsten moeten onder meer inzicht geven in de wetenschappelijke onderbouwing van maatregelen die aanbieders verplicht of vrijwillig inzetten, zoals vastgelegd in recente beleidsregels, waaronder de Beleidsregels verantwoord spelen die in juni 2024 zijn aangescherpt.

download het rapport (, 600kB)
Doel van het onderzoek was om duidelijk te krijgen wat er wetenschappelijk bekend is over preventieve interventies die kansspelaanbieders kunnen inzetten bij spelers met risicovol, maar nog niet ernstig problematisch gokgedrag. Daarbij stond centraal de vraag welke wetenschappelijke onderbouwing er bestaat voor interventies door aanbieders van zowel online als offline kansspelen in de internationale, peer-reviewed literatuur.
Het onderzoek werd uitgevoerd door drs. Judith Noijen, dr. Anne Marije Kaag, en ir. Pim Widdershoven, in opdracht van ZonMw en de Kansspelautoriteit. De onderzoekers doorzochten een breed scala aan wetenschappelijke databanken, waaronder Ovid Medline, Embase.com, APA PsycInfo, Web of Science, en Scopus, tot en met 19 juni 2024.
De onderzoekers richtte zich uitsluitend op interventies bij risicovolle kansspelen, zoals online casino’s, poker, en sportweddenschappen. Interventies rond loterijen, bingo, en krasloten vielen hier buiten. Ook algemene voorlichtingscampagnes, folders, zelfuitsluiting, en vrijwillig ingestelde limieten zijn niet meegenomen, omdat deze niet werden gezien als gerichte interventies na het signaleren van risicovol gedrag.
Uit deze zoektocht selecteerden de onderzoekers 13 studies die voldeden aan vooraf vastgestelde criteria en onderzoeken met een hoog risico op bias werden uitgesloten.
Drie types interventies onderzocht
In totaal werden er drie hoofdtypes interventies onderzocht:
- Feedbackinterventies (7 studies)
- Opgelegde gokpauzes (2 studies)
- Informatieverschaffing (4 studies)
Bij de studies naar feedbackinterventies betrof het persoonlijke en normatieve feedback, zoals rapportages gebaseerd op het individuele gokgedrag van spelers, soms vergeleken met dat van anderen. Meerdere studies lieten zien dat deze aanpak op korte termijn kon leiden tot een afname van inzet en speeltijd, vooral bij spelers met een matig risicoprofiel. Bij spelers met een hoog risicoprofiel was er echter geen overtuigend effect.
De manier waarop feedback werd gepresenteerd verschilde sterk per studie, en in vijf van de zeven onderzoeken werd gebruikgemaakt van behavioural trackingdata. Vier studies ontvingen daarnaast (mede)financiering van een kansspelaanbieder. Hierbij ging het onder meer om financiële steun vanuit staatsgokbedrijven Svenska Spel (Zweden) en Norsk Tipping (Noorwegen).
Het tweede type interventie bestond uit opgelegde gokpauzes. Hierin werden spelers onderbroken met sessies van 5, 15, of 60 minuten. Kortere pauzes leidden tot een iets langere onderbreking tot de volgende sessie, terwijl een pauze van 60 minuten resulteerde in een tijdelijke afname van stortingen en ingezette bedragen op dezelfde dag. Het aantal spelers dat de volgende dag weer stortte, nam echter licht toe. Over het geheel genomen waren de effecten klein en van korte duur.
Bij het derde type ging het om informatie en waarschuwingen. Dit varieerde van vergelijkende of motiverende berichten, tips om limieten te stellen, en correcties van misvattingen over gokken, tot persoonlijk contact met de speler via telefoon of schrift.
Uit de studies blijkt dat persoonlijke en motiverende berichten beter werken dan algemene boodschappen over ‘verantwoord gokken’. Het corrigeren van verkeerde ideeën over gokken had slechts tijdelijk effect. Direct telefonisch contact met spelers bleek daarnaast effectiever dan een brief of e-mail, terwijl oproepen om limieten in te stellen nauwelijks invloed hadden op het gokgedrag.
Weinig bekend over effecten langere termijn
Het onderzoek toont duidelijk dat preventieve interventies door kansspelaanbieders beperkt effect hebben. De meeste resultaten zijn klein, tijdelijk, of nauwelijks meetbaar, en er is weinig bekend over de effecten op langere termijn of op daadwerkelijke gokschade. Vooral bij spelers met een hoog risicoprofiel zijn er geen consistente positieve resultaten.
In het rapport adviseren de onderzoekers kansspelaanbieders om de uitvoering van preventieve interventies te verbeteren door:
- feedback duidelijker en beter zichtbaar te maken;
- pauzes en waarschuwingen beter af te stemmen op het risicoprofiel van spelers;
- sneller persoonlijk contact te zoeken bij signalen van risicovol gokgedrag.
Tevens pleiten de onderzoekers voor aanvullend en onafhankelijk onderzoek, met daarbij aandacht voor:
- objectieve gedragsdata en gestandaardiseerde meetmethoden;
- langetermijneffecten en praktijkgericht onderzoek, zoals A/B-testen;
- bredere gevolgen van gokken, zoals stress en financiële schade, met extra focus op de groep jongvolwassenen.
Ook wordt voorgesteld een multidisciplinaire expertsessie te organiseren om kennis uit wetenschap, beleid, en praktijk te bundelen.
Heb je het gokken niet meer onder controle? Dan kan je jezelf inschrijven in Cruks (Centraal Register Uitsluiting Kansspelen) via CruksRegister.nl. Eenmaal aangemeld voor die gokstop, kan je niet meer bij landgebonden en online casino’s spelen. Cruks is een middel, niet de ultieme oplossing. Lees onze pagina over bewust spelen en zoek hulp als je er niet alleen uitkomt.