De recente column van ervaringsdeskundige Feite Hofman raakt een belangrijke snaar: de complexe balans tussen de benodigde ruimte voor het legale aanbod en de aanhoudende strijd tegen illegaal online gokken in Nederland. Het politieke debat wordt vaak zwart-wit gevoerd en voornamelijk in één richting: meer beperkingen voor de legale aanbieders.
De werkelijkheid is weerbarstiger. Wie écht geeft om effectieve consumentenbescherming, kan zich niet permitteren om slechts één kant van de medaille te bekijken.
Laten we beginnen met een ongemakkelijke waarheid: de digitale deuren naar het illegale aanbod zijn lastig volledig te sluiten. Hard ingrijpen tegen illegale aanbieders is broodnodig en klinkt daadkrachtig. In de huidige praktijk is het echter alleen effectief als er een voldoende aantrekkelijk en zichtbaar legaal alternatief tegenover staat. Zonder dat ontstaat er geen verschuiving naar meer veiligheid, maar simpelweg een verplaatsing naar de schaduw van de illegaliteit.
Als legale online casinoproducten onvoldoende aansluiten bij de behoeften van consumenten, gaan zij op zoek naar producten die daar wél aan voldoen. Die behoefte verdwijnt niet, maar wordt vervuld buiten het oog van toezichthouders, zorgplicht en bescherming.
Het schuurt
En dat is precies waar het momenteel schuurt, zo blijkt uit de meest recente monitoringsrapportage van de Kansspelautoriteit. In haar berichtgeving stelt de Kansspelautoriteit dat het BSR van de legale online markt stabiel is. Hierbij wordt een vergelijking gemaakt tussen het eerste en het tweede semester van 2025. Daar is cijfermatig geen speld tussen te krijgen.
Als legale online casinoproducten onvoldoende aansluiten bij de behoeften van consumenten, gaan zij op zoek naar producten die daar wél aan voldoen.
De vergelijking tussen de volledige kalenderjaren 2025 en 2024 laat zien dat de Nederlandse legale online gokmarkt met bijna 18% is gekrompen. Dat is een forse daling, terwijl de Europese online gokmarkt juist groeit. Deze tegenstelling zou alle alarmbellen moeten doen rinkelen. Want de eerder aanwezige gokbehoefte verdwijnt niet plotseling, maar verschuift.
Het is aannemelijk, en misschien zelfs onvermijdelijk, dat de daling niet betekent dat mensen minder zijn gaan gokken of zijn gestopt. Zij hebben hun weg gevonden naar illegale aanbieders. Aanbieders die zich niets aantrekken van zorgplicht, verslavingspreventie of leeftijdscontroles.
De monitoringsrapportage laat zien dat er meer Nederlandse spelers zijn die uitsluitend illegaal online gokken. De kanalisatie naar het legale aanbod neemt langzaam af en de illegale markt groeit in omzet.
Ongrijpbaar
Illegale gokbedrijven hebben hun marketingstrategie allang aangepast. Waar eerder banners en directe advertenties domineerden, zien we nu een verschuiving naar moeilijk te traceren vormen van promotie. Virale filmpjes op platforms als Facebook en Instagram, met entertainment content en logo’s van illegale gokwebsites. Deze video’s worden vervolgens door algoritmes wereldwijd verspreid, dus ook richting Nederlandse, vaak kwetsbare doelgroepen. De slinkse vorm van illegale gokreclame wordt door diverse buitenlandse marketingbedrijfjes actief aangeboden. Tegelijkertijd blijkt Meta er vooralsnog ook weinig effectief tegen op te treden.
Het resultaat? Een geraffineerde marketingmachine die praktisch ongrijpbaar is, terwijl legale aanbieders gebonden zijn aan steeds strengere restricties. Daarmee komen we bij de kern van het probleem: overheidsbeleid dat zich voornamelijk richt op beperking binnen de legale markt, zonder gelijktijdig de aantrekkelijkheid en zichtbaarheid van diezelfde markt te waarborgen, werkt contraproductief.
Dat betekent niet dat we de bescherming van spelers moeten loslaten. Integendeel: de legale online gokmarkt heeft de plicht om continu te blijven verbeteren op het gebied van effectieve consumentenbescherming. Meer beperkingen of zelfs een volledig reclameverbod zullen echter geen netto verbetering opleveren.
De realiteit is dat de grote meerderheid van spelers online gokt zonder of met een laag risico. Dat betekent niet dat er geen problemen zijn, maar wel dat beleid zich proportioneel moet richten op waar het écht nodig is. Overregulering voor de grote groep recreatieve spelers zal ertoe leiden dat zij afhaken en hun toevlucht zoeken tot illegale alternatieven, waar helemaal geen bescherming bestaat.
Effectieve regulering vraagt om nuance. Om heldere definities van wat risicovol gedrag en gokschade zijn. Om beleid dat rekening houdt met de omvang en activiteit van de illegale markt. Om een integrale benadering waarin handhaving, preventie en marktwerking effectief met elkaar in balans zijn.
Ideolgisch debat
De uitdaging voor Nederland ligt dan ook niet alleen in het bestrijden van illegale aanbieders, maar ook in het gezond houden van het legale ecosysteem. Dat betekent: een voldoende aantrekkelijk product, een effectieve zorgplicht, en ja, ook voldoende zichtbaarheid binnen verantwoorde grenzen. Alleen dan ontstaat er een situatie waarin spelers daadwerkelijk blijven kiezen voor het legale aanbod.
En dat is uiteindelijk waar het om draait. Niet om het winnen van een ideologisch debat, maar om het vergroten van de netto bescherming van de Nederlandse consument. Dat bereik je niet met symboolmaatregelen of een eenzijdige focus, maar met beleid dat de volledige werkelijkheid onder ogen ziet, hoe complex die ook is.
Als we zonder dat inzicht doorslaan in beperkende regelgeving voor legale aanbieders, wint de schaduw van de illegale markt nog meer terrein. Dan is de Nederlandse consument de verliezer. Die verdient een contourenbrief van de Staatssecretaris met daarin een robuust, effectief en proportioneel beleid. Ongeacht een coalitieakkoord dat op onderdelen een andere richting lijkt te kiezen.
Dit is een bijdrage door Björn Fuchs, de adjunct-CEO van Fair Play Online's moederbedrijf Janshen-Hahnraths Group, en voorzitter van branchevereniging VNLOK. Pull-quotes keuze door CasinoNieuws.