Zaterdag 25 juni 2022

Rondetafelgesprek over Wet Kansspelen op afstand


Deze ochtend vond het rondetafelgesprek over de Wet Kansspelen op afstand (Koa) plaats. In vier verschillende sessies spraken verschillende betrokkenen over (online) gokken, gokverslaving, en gokreclames. In alle sessies was veel aandacht voor het preventiebeleid en de zorgplicht van de aanbieders in Nederland.

Op 20 mei werd het rondetafelgesprek over de Wet Kansspelen op afstand aangekondigd middels een uitnodiging aan de verschillende deelnemers. In vier sessies met ieder een eigen thema kregen de deelnemers de kans om hun position papers toe te lichten. Hierna kregen de leden van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid de kans om vragen te stellen. Het uitgeschreven gesprek is te lezen op de site van de Tweede Kamer.

Voorzitter van het rondetafelgesprek over de Wet Kansspelen op afstand was Michiel van Nispen van de SP. De Kamerleden die plaatsnamen aan tafel waren:

  • Rudmer Heerema (VVD)
  • Mirjam Bikker (ChristenUnie)
  • Kees van der Staaij (SGP)
  • Laura Bromet (GroenLinks)
  • Songül Mutluer (PvdA)
  • Rens Raemakers (D66)
  • Evert Jan Slootweg (CDA)

Gokverslaving in Nederland

In een van de eerste twee sessies haalde Mirjam Bikker al snel een nieuwsbericht aan dat het aantal gokverslaafden in Nederland zijn toegenomen.

Dat het aantal gokverslaafden door het openbreken van de markt leidt tot meer gokverslaafden, is een uitspraak die de afgelopen maanden vaker voorbij kwam, maar vooralsnog niet concreet onderbouwd kon worden met cijfers. Daar wees ook Anneke Goudriaan van Jellinek verslavingszorg op. Zij zag de cijfers bij Jellinek niet dusdanig stijgen en vroeg zich af waar deze cijfers op gebaseerd zijn:

“Bij Jellinek is die ervaring er niet zo dat er veel meer zijn die zich aanmelden. Dus ik denk dat je toch in de media moet gaan kijken welke zorgverleners beweren of wie beweert dit en waar is dit op gebaseerd? Het zou wel zo kunnen zijn dat er een versnellend effect is, omdat je te allen tijde nu vanaf je telefoon kunt gokken.”

In het nieuwsbericht van Trouw van vandaag, meldt verslavingsinstelling Hervitas uit Zeist een stijging van het aantal gokverslaafden. In die instelling ziet men een stijging van 50% ten opzichte van voor 1 oktober 2021.

Tijdens het rondetafelgesprek werd ook gewezen op het verloop van een verslaving aan kansspelen. Gemiddeld zouden gokverslaafden pas na zeven jaar hulp zoeken. Die opmerking zorgde voor vragen bij Rudmer Heerema van de VVD:

“Is de stijging in het aantal gokverslaafden dan te wijten aan het opengaan van de markt of heeft het opengaan van de markt juist gezorgd dat de aantallen beter in beeld zijn gekomen?”

Rudmer Heerema, VVD

Ook René Jansen van de Kansspelautoriteit gaf aan dat het lastig is om te bepalen wat de exacte aantallen zijn. Deze cijfers mogen tot volgende maand, vanwege de privacywetgeving, namelijk niet gedeeld worden. Hierdoor is het niet mogelijk om de exacte aantallen te achterhalen van het landelijke aantal gokverslaafden. Vanaf 1 juli zou dit volgens Jansen wel mogelijk moeten zijn. Vanaf dan kan er beter gemonitord worden hoe het aantal gokverslaafden zich ontwikkelt:

“Het LADIS-systeem van het ministerie van volksgezondheid, dat een systematische registratie doet van informatie van zorgaanbieders, dat heeft een paar jaar platgelegen door AVG-perikelen. Daar was geen wettelijke basis onder gelegd. Ik heb gehoord dat dat per 1 juli weer gaat lopen en dat we dan ook weer objectieve cijfers krijgen vanuit de verslavingszorg in Nederland. Dan hoop ik, en daar vertrouw ik op, dat we een objectief beeld gaan krijgen van de situatie.”

René Jansen, voorzitter Kansspelautoriteit

Wat is risicovol speelgedrag?

De zorgen over het aantal gokverslaafden leverde ook veel discussie op rondom de zorgplicht die online aanbieders hebben. Zo verscheen er vandaag nog een item van Radar waarin een gokker, ondanks zijn inschrijving in Cruks, ruim € 7.000 kon vergokken bij twee online casino’s. Dit was mogelijk door een fout in het systeem van Cruks.

Ondanks de fout in Cruks waren enkele aanwezigen van mening dat het niet mogelijk moeten zijn om in zo’n kort tijdsbestek dergelijke bedragen uit te geven. Het beter in kaart brengen wat risicovol speelgedrag is werd uitgebreid besproken. Een definitie van probleemgokken zoals er ook een definitie is van problematisch drinkgedrag (21 glazen per week bij mannen, 14 glazen per week bij vrouwen), leek wenselijk.

Tony van Rooij van het Trimbos-instituut stelde voor om te gaan voor een percentage van het inkomen. Zo zou er gekeken kunnen worden welk percentage van het inkomen iemand kan missen om te gokken. Echter, ook hier is discussie over, want moet de overheid zich wel in deze mate gaan of kunnen bemoeien met de uitgaven van burgers?

Eén ding waren veel betrokkenen het wel over eens: het preventiebeleid moet beter. Ook Jansen zei dat de aanbieders ‘aan de bak moeten.’ Er zal meer gedaan moeten worden om te voorkomen dat spelers problematisch speelgedrag gaan vertonen.

“Als iemand in Cruks terecht komt, is het eigenlijk al te laat,” zo stelde Joost Poort. De hoofddocent van de Universiteit van Amsterdam was aanwezig via een livestream, omdat hij besmet is geraakt met het coronavirus.

Overkoepelende speellimieten

In het rondetafelgesprek kwamen de overkoepelende speellimieten ook weer ter sprake. Cruks zou verder uitgebreid moeten worden om te voorkomen dat spelers vluchten naar een andere aanbieder zodra ze hun limiet hebben bereikt.

Een overkoepelend speellimiet kan daarnaast helpen bij het preventiebeleid. Alle spelersdata zoals stortingen en speeltijd te delen zodat er gekeken kan worden naar het speelgedrag van de spelers over alle aanbieders, werd besproken door de aanwezigen, met vooral input van Van Rooij.

Ook Sytze Kingma van de Vrije Universiteit deelde deze mening. Hij vindt dat online casino’s meer moeten doen met de data die zij bezitten:

“Wat we moeten willen is een resultaatverplichting instellen voor verantwoord gokken. Dan bedoel ik echt verantwoord gokken, waarbij kwetsbare spelers beschermd worden door de aanbieders. Dat moet in de vergunningsvoorwaarden. Dus een bewijslast over probleemgokken en dat aanbieders daarover moeten rapporteren.”

Sytze Kingma, Vrije Universiteit

Gokreclames en sportsponsoring

Tijdens de sessie met de aanbieders van kansspelen, sprak Mirjam Bikker (ChristenUnie) haar ongenoegen uit over de sponsoring van de sportwereld door online casino’s. Hierin richtte ze zich onder andere tot Niels Onkenhout, directeur van de TOTO’s moederbedrijf Nederlandse Loterij.

Onkenhout legde uit waarom het in zijn ogen logisch is dat TOTO, ook als staatsdeelneming, zo nadrukkelijk aanwezig is in de sportwereld. Liefhebbers van sportweddenschappen zijn namelijk voornamelijk te vinden in de sportwereld. Het is volgens Onkenhout dan ook niet gek dat TOTO juist daar gaat adverteren. “Maar ik denk niet dat wij het daar ooit over eens zullen raken,” zo sloot Onkenhout zijn antwoord richting Bikker af.

Het gehele rondetafelgesprek kijk je terug via debatgemist.tweedekamer.nl.

Laat een reactie achter