Vrijdag 4 september 2026

Speel bewust

Commissiedebat kansspelen: brede steun voor aanpak illegaliteit, verdeeldheid over bescherming spelers

Claudia van Bruggen (Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid)

De Tweede Kamer was donderdag tijdens het Commissiedebat Kansspelen opvallend eensgezind over één onderwerp: de aanpak van illegale goksites moet sneller en harder. Over vrijwel alles wat daarna komt, liepen de opvattingen veel verder uiteen. Waar de SGP de legalisering van online gokken het liefst terugdraait, waarschuwden onder meer VVD en D66 dat steeds strengere regels voor vergunninghouders spelers juist uit het Nederlandse toezicht kunnen duwen.

Bekijk en beluister het debat terug via debatdirect. Lees alles chronologisch terug via het Liveblog van CasinoNieuws.

Claudia van BruggenClaudia van BruggenD66 logo via CasinoNieuws.nl
Joost EerdmansJoost EerdmansJA21
Joost SnellerMirjam BikkerChristenUnie
Bart BikkersBart BikkersVVD cpb kansspelbelasting
Iem al BiyatiIem Al BiyatiFvD
Tijs van den BrinkTijs van den BrinkCDA logo politieke partij
Diederik van DijkDiederik van Dijk
Sarah DobbeSarah DobbeSP Socialistische Partij logo
Mona KeijzerMona Keijzer
Mohammed MohandisMohammed MohandisPRO PVDA GroenLinks
Joost SnellerJoost SnellerD66 logo via CasinoNieuws.nl

Staatssecretaris Claudia van Bruggen van Justitie en Veiligheid zocht gedurende het drie uur durende debat nadrukkelijk naar een positie tussen die twee uitersten. Ze erkende de toegenomen gokschade, wil de legale online markt verder reguleren en noemt de aanpak van illegaal aanbod een topprioriteit. Tegelijkertijd wees ze een terugkeer naar het verbod op online gokken af, wil ze de minimumleeftijd voorlopig niet verhogen naar 21 jaar en vindt ze dat legaal aanbod voor mensen die naar een goksite zoeken nog wel vindbaar moet blijven.

Aan het debat namen negen Kamerleden deel. Zij kregen ieder vier minuten voor hun eerste termijn. Mirjam Bikker (ChristenUnie) beet het spits af, gevolgd door Mohammed Mohandis (PRO), Diederik van Dijk (SGP), Tijs van den Brink (CDA), Joost Sneller (D66), Iem Al Biyati (FVD), Bart Bikkers (VVD), Sarah Dobbe (SP) en Mona Keijzer (Lijst Keijzer).

De politieke tegenstelling was vooraf al zichtbaar. Verslavingskunde Nederland, de Nederlandse ggz en Nationaal Rapporteur Verslavingen Arnt Schellekens hadden de Kamer opgeroepen tot onder meer een algemeen reclameverbod en een minimumleeftijd van 21 jaar. Branchevereniging VNLOK bepleitte juist een risicogebaseerde aanpak en waarschuwde tegen generieke maatregelen die ook spelers zonder problematisch speelgedrag raken.

Bikker wil sneller en strenger, vooral bij reclame en leeftijd

Mirjam Bikker nam namens de ChristenUnie als eerst het woord en zette de toon. Zij wilde zelfs het woord kansspelen liever vermijden en sprak consequent over gokken. Volgens Bikker is dit geen normale consumentenmarkt omdat het verdienmodel uiteindelijk is gebaseerd op verliezen van spelers.

De ChristenUnie wil dan ook verder gaan dan de plannen van het kabinet. Bikker pleitte voor een veel verdergaand reclameverbod, een minimumleeftijd van 21 jaar voor risicovolle kansspelen, en snellere blokkering van illegale goksites. Ook verwees ze naar de initiatiefwet van de ChristenUnie samen met SP-Kamerlid Sarah Dobbe.

Bij de bestrijding van illegaliteit constateerde Bikker zowaar een gezamenlijk belang met de vergunde kansspelsector. Een illegale aanbieder die zich op Nederland richt, zou volgens haar niet maandenlang bereikbaar moeten kunnen blijven. Ze vroeg Van Bruggen daarom expliciet wat nog nodig is om dergelijke sites snel “op zwart” te kunnen zetten en of daarvoor richting Prinsjesdag extra capaciteit of middelen nodig zijn.

Bikker zette daarnaast veel druk op het kabinetsbesluit om de eerder voorgenomen leeftijdsverhoging van 18 naar 21 niet door te zetten. Zij wees erop dat ook 16- en 17-jarigen nu al illegaal gokken en vond het argument dat 18- tot 20-jarigen na een verbod naar illegale aanbieders zouden vertrekken onvoldoende overtuigend.

Een laatste punt ging over de zorgplicht. Bikker wees op het onderzoek van de Universiteit van Amsterdam naar algoritmes waarmee risicovol speelgedrag eerder kan worden herkend. Ook wilde zij weten waarom een deel van de aanbieders de gevraagde spelersdata niet zou hebben aangeleverd en wat de Ksa daartegen doet.

Van Bruggen kwam Bikker op de aanpak van illegaliteit een flink eind tegemoet. Voor buitenlandse domeinen ontbreekt momenteel de wettelijke basis om internetproviders tot blokkering te verplichten. Voor .nl-domeinen lukt ingrijpen al wel via samenwerking tussen de Ksa en SIDN, aldus Van Bruggen, hoewel die voorstelling incompleet is. Ook worden illegale gokapps na meldingen verwijderd door Apple en Google, zo deelde de staatssecretaris. Tussen juni en augustus meldde de Ksa volgens Van Bruggen 39 apps. Het kabinet denkt voor websites aan een DNS-blokkade, omdat een IP-blokkade ook legale websites kan raken.

De benodigde wetswijziging moet volgens de huidige planning begin 2027 in consultatie gaan. Bikker wilde weten waarom dat niet sneller kon en hoopte zelfs dat de nieuwe wet nog in 2027 in werking kan treden. Van Bruggen noemde begin 2027 voor de consultatie al ambitieus, al zei zij dat het wat haar betreft zo snel mogelijk moet.

Op de leeftijdsgrens hield Van Bruggen haar positie vast. Zij wil eerst voldoende vertrouwen hebben dat een verhoging naar 21 jaar daadwerkelijk gokschade vermindert en niet vooral leidt tot verplaatsing richting het illegale aanbod. Dat moment kan volgens haar over een halfjaar zijn, maar mogelijk ook pas over meerdere jaren. De ontwikkeling wordt meegenomen in de volgende voortgangsrapportages. Daar bleef Van Bruggen bij, ondanks herhaalde vragen die ook nog in de tweede termijn van dit commissiedebat langskwamen. De suggestie van Bikker om de verhoging alvast wettelijk mogelijk te maken en het betreffende artikel later in werking te laten treden, nam Van Bruggen evenmin over. Volgens haar zijn de onzekerheden daarvoor momenteel te groot.

Over het UvA-onderzoek was Van Bruggen positiever. Zij kende het onderzoek en verwelkomde dergelijke methodes om problematisch speelgedrag eerder te herkennen. Ook beloofde zij met de Ksa te bespreken waarom gevraagde gegevens niet altijd worden aangeleverd en de Kamer hierover schriftelijk te informeren.

Mohandis wil vooral weten wanneer plannen daadwerkelijk effect krijgen

Mohammed Mohandis (vervanger van Barbara Kathmann) legde namens PRO veel minder nadruk op nieuwe restricties voor vergunninghouders. Zijn centrale vraag was of de overheid eindelijk daadwerkelijk grip kan krijgen op de illegale markt.

Daarbij haalde hij een voorbeeld uit zijn eigen gezin aan. Kinderen komen via games als Roblox in aanraking met digitale munten zoals Robux. Volgens Mohandis bestaan er vervolgens illegale platforms waarop dergelijke tegoeden kunnen worden gebruikt voor gokken. Voor hem illustreerde dat hoe gemakkelijk de grens tussen gaming en gokken kan vervagen.

Mohandis vroeg daarnaast naar de rol van banken en betaaldienstverleners. Als illegale aanbieders afhankelijk zijn van betalingsverkeer, reclame, platforms en andere tussenpersonen, moet volgens hem juist daar worden ingegrepen.

Zijn kritiek was vooral praktisch. De Kamer ontvangt volgens Mohandis al langere tijd brieven vol voornemens. Hij wilde kunnen beoordelen of die maatregelen ook resultaat opleveren. Later in het debat vroeg hij D66-Kamerlid Sneller bijvoorbeeld of er niet enkele concrete indicatoren nodig zijn waarmee de Kamer over een jaar kan vaststellen of de aanpak van illegaliteit werkt.

Van Bruggen sloot daar gedeeltelijk bij aan. De aanpak moet zich volgens haar niet beperken tot de illegale aanbieder zelf. Banken, betaaldiensten, sociale media, zoekmachines en andere partijen in de keten moeten actiever worden betrokken. Dat is dezelfde richting die de Ksa voorafgaand aan het debat zelf bepleitte. De toezichthouder richt zich inmiddels nadrukkelijker op de infrastructuur rond illegale casino's, waaronder affiliates, betaaldiensten, internetproviders en sociale media.

Van Bruggen constateerde daarbij dat de huidige wet niet altijd duidelijk genoeg maakt wanneer een bedrijf illegaal kansspelaanbod “faciliteert”. Zij wil hiervoor duidelijkere wettelijke normen opnemen.

De staatssecretaris ging ook in op Robux en andere game-elementen. Zij erkende het risico dat dergelijke mechanismen gokken al op jonge leeftijd normaliseren. Roblox zelf valt niet rechtstreeks onder haar portefeuille, maar zij vond de ontwikkeling wel relevant vanuit de bescherming van minderjarigen. Ook wees zij op de bredere politieke inzet rond lootboxes.

Mohandis vroeg ten slotte naar een mogelijke privatisering van Nederlandse Loterij en de gevolgen daarvan voor onder meer sport, cultuur en goede doelen. Van Bruggen verwees naar een eerdere verkenning rond de staatsdeelnemingen. Die wordt weer opgepakt, maar het kabinet wil daarbij eerst relevante WODC-uitkomsten afwachten.

Van Dijk wil de kraan uiteindelijk dichtdraaien

Diederik van Dijk zette namens de SGP de meest fundamentele aanval op het huidige stelsel in. Zijn hele bijdrage draaide om één metafoor: als de kraan blijft lekken, heeft het weinig zin om alleen maar betere dweilen aan te schaffen. “Draai de kraan dicht”, was zijn boodschap.

Voor de SGP zijn strengere limieten, meer toezicht, betere zorgplicht, en minder reclame daarom uiteindelijk onvoldoende. Van Dijk wil de legalisering van online gokken terugdraaien. De initiatiefnota “Gegokt en verloren” van SGP en CDA moet daarvoor volgens Van Dijk de politieke basis vormen.

Het SGP-Kamerlid koppelde daar nog enkele vergaande voorstellen aan. Hij wilde een volledig reclameverbod voor alle kansspelen, dus niet alleen voor online casino's en bookmakers maar ook voor loterijen en landgebonden aanbod. Ook stelde hij de principiële vraag waarom de overheid via Holland Casino en Nederlandse Loterij zelf betrokken blijft bij een sector waarvan zij tegelijkertijd de schadelijke gevolgen probeert te beperken.

Daar kwam een klassiek SGP-standpunt bovenop: Van Dijk vroeg Van Bruggen zelfs of de Staatsloterij uiteindelijk kan worden afgeschaft. Ook wilde hij alsnog zo snel mogelijk een minimumleeftijd van 21 jaar.

Hier trok Van Bruggen een duidelijke grens. Het terugdraaien van de Wet kansspelen op afstand ziet zij niet als oplossing. Volgens haar gokken maandelijks ongeveer een half miljoen mensen online en verdwijnt die behoefte niet door het vergunde aanbod te verbieden. De opgave is volgens haar daarom een voldoende beschermd legaal aanbod te combineren met een hardere bestrijding van het illegale aanbod.

Van Bruggen constateerde tegelijkertijd dat de maatschappelijke gokschade waarschijnlijk fors is toegenomen. Het aantal mensen dat hulp zoekt stijgt, terwijl schulden, problemen binnen gezinnen en in ernstige gevallen suïcidaliteit onderdeel zijn van die schade, aldus de staatssecretaris. Een volledig beeld ontbreekt nog. Het Expertisecentrum Gokken werkt daarom aan verdere monitoring.

De staatssecretaris wees een algeheel reclameverbod voor alle kansspelen voorlopig af. De prioriteit ligt volgens haar bij risicovoller online gokken. Een staatslot heeft volgens haar een wezenlijk ander risicoprofiel. Ook zag zij geen reden of prioriteit om de Staatsloterij af te schaffen.

Van den Brink wil minder vergunningen en blijft aandringen op 21 jaar

Tijs van den Brink koos namens het CDA een lijn die op onderdelen dicht tegen de SGP aan lag, maar minder ver ging.

Hij vergeleek het kansspelbeleid met discussies over drugs, prostitutie, en mensenhandel. In alle gevallen bestaat volgens hem een legale en illegale werkelijkheid en moet de overheid zich afvragen of het gemakkelijker toegankelijk maken van risicovol gedrag uiteindelijk niet juist tot meer slachtoffers leidt.

Van den Brink steunt het aangekondigde verbod op reclame voor online gokken en wilde weten of ook promotie door influencers daar volledig onder valt. Daarnaast wil het CDA het aantal vergunningen voor online kansspelen beperken. Dat vraagstuk is extra actueel omdat de eerste vergunningen uit 2021 op 1 oktober 2026 aflopen, al zijn er daarvan diverse inmiddels al opnieuw uitgegeven.

Het CDA pleitte voor één centraal toegangsportaal voor alle legale online kansspelaanbieders, zoals recentelijk geopperd door ING. Een speler zou daar volgens Van den Brink een basisaccount kunnen krijgen, met een speellimiet, draagkrachttoets, en centrale signalering van problematisch gedrag.

Net als Bikker en Van Dijk was Van den Brink teleurgesteld dat Van Bruggen de leeftijd niet meteen naar 21 jaar verhoogt. Hij verwees daarbij naar het Trimbos-instituut en wetenschappelijk onderzoek naar het normerende effect van leeftijdsgrenzen.

Van Bruggen bleef ook tegenover het CDA bij haar redenering. Een deel van de jonge spelers geeft aan naar alternatieven te zullen zoeken wanneer legaal gokken voor hen verboden wordt. Zij vindt dat risico momenteel te groot. De staatssecretaris wil daarom eerst de illegale markt effectiever kunnen bestrijden en de ontwikkeling periodiek blijven meten.

Over het beperken van vergunningen kon Van Bruggen nog geen concrete stap aankondigen. Het WODC onderzoekt de gevolgen daarvan en de resultaten worden volgend jaar verwacht. Nieuwe vergunningen worden ondertussen opnieuw voor vijf jaar afgegeven. De Ksa kan aanvragen wel weigeren, voorwaarden verbinden aan een vergunning en een bestaande vergunning intrekken wanneer daar voldoende juridische grond voor is.

Van den Brink bracht daarnaast Malta's omstreden Bill 55 ter sprake. Die wet bemoeilijkt de uitvoering in Malta van rechterlijke uitspraken uit andere EU-landen tegen Maltese gokbedrijven. Van Bruggen wees erop dat de Europese Commissie inmiddels een procedure tegen Malta voert en beloofde dat Nederland waar mogelijk druk blijft uitoefenen.

Sneller wil strengere regels, maar waarschuwt voor de donkere kant van de straat

Joost Sneller nam namens D66 een positie in die waarschijnlijk het dichtst bij de afweging van partijgenoot Van Bruggen zelf kwam.

Ook Sneller vond dat de opening van de online markt veel schade heeft opgeleverd en dat de politiek daarbij naar zichzelf moet kijken. Het kansspelbeleid mag wat hem betreft nog restrictiever worden.

Zijn waarschuwing was alleen dat de politiek niet uitsluitend moet ingrijpen waar zij de meeste instrumenten heeft. Sneller gebruikte daarvoor de metafoor van de dronken man die zijn verloren sleutels onder een lantaarnpaal zoekt omdat daar nu eenmaal het meeste licht is.

Bij vergunninghouders kan de overheid limieten, reclame, zorgplicht, en toezicht steeds verder aanscherpen. Bij illegale aanbieders zijn die instrumenten veel beperkter. Als alleen aan de legale kant steeds harder wordt gedrukt, bestaat volgens Sneller daarom een waterbedeffect naar een omgeving waar geen Cruks, zorgplicht, limieten of Nederlands toezicht bestaan.

Sneller wilde tegelijkertijd meer mogelijkheden voor de Ksa om zich bij aanbieders voor te doen als gewone speler. Hij vond de vergelijking met de zware bevoegdheid om voor politie- of inlichtingenwerk een volledig fictieve identiteit te creëren voorgesteld als niet nodig. Voor toezicht op goksites zou volgens hem een veel lichtere vorm van mystery shopping denkbaar moeten zijn.

Van Bruggen erkende uiteindelijk dat er mogelijk ruimte zit tussen een eenvoudig gastaccount en een volledig nieuwe identiteit inclusief BSN. Zij beloofde in een volgende rapportage nader uit te werken of daar juridisch een tussenweg mogelijk is.

D66 vroeg verder aandacht voor de kwaliteit en beschikbaarheid van spelersdata, de samenwerking tussen de AFM en Ksa rond crypto en daytrading, en het grote aantal spelers dat niet weet of zij op een legale of illegale website spelen.

Van Bruggens wil kanalisatie niet als zelfstandig doel behandelen. Het legale aanbod moet volgens haar nog voldoende vindbaar blijven voor consumenten die zelf actief naar online gokken zoeken.

Dat onderscheid is elementair bij het voorgenomen reclameverbod. Van Bruggen wil reclame voor gokken sterk terugdringen, maar onderzoekt beperkte uitzonderingen voor onder meer de eigen website van een aanbieder en resultaten bij expliciete zoekopdrachten naar goksites.

Al Biyati legt nadruk op vrijheid en waarschuwt voor overregulering

Forum voor Democratie koos met Iem Al Biyati een andere invalshoek. Waar veel andere Kamerleden begonnen bij gokschade, begon zij bij de geschiedenis van het gokken. Volgens Al Biyati is gokken een oeroud menselijk verschijnsel en hoort het nemen van risico's tot op zekere hoogte bij een vrije samenleving. Een weddenschap met vrienden of een bezoek aan een casino hoeft volgens haar niet verheven of verstandig te zijn om toch toegestaan te kunnen worden.

De overheid moet daarom vooral ingrijpen waar daadwerkelijk problematisch gedrag ontstaat en niet de grote groep spelers zonder problemen onnodig beperken. Al Biyati kon zich vanuit die gedachte vinden in een draagkrachttoets en een overkoepelende stortingslimiet als die maatregelen daadwerkelijk op risicospelers worden gericht.

Ook zij erkende de problemen op de illegale markt. Tegelijkertijd zette ze vraagtekens bij vergaande overheidsbevoegdheden. Dat leidde tot een felle woordenwisseling met Sneller en Bikker over een eerdere motie om illegale goksites makkelijker te kunnen blokkeren. FVD had die als enige niet gesteund omdat de partij de voorgestelde bevoegdheid voor de overheid destijds te ver vond gaan.

Tijdens de beantwoording vroeg Al Biyati bovendien hoe effectief een DNS-blokkade is wanneer spelers via een VPN eenvoudig een andere route naar een goksite kunnen kiezen.

Een ander opvallend onderdeel van haar bijdrage ging over poker. Volgens Al Biyati spelen kennis en vaardigheid daarbij een dusdanig grote rol dat de vraag kan worden gesteld of poker juridisch wel als kansspel moet worden behandeld. Van Bruggen was daar kort over: binnen het huidige Nederlandse recht is poker een kansspel. Volgens haar bestaat daar geen juridisch grijs gebied. Ook Nederlandse rechtspraak ondersteunt die kwalificatie.

Aan het einde van het debat bracht Al Biyati ook recentelijk gesanctioneerde prediction markets Polymarket ter sprake. Ze vroeg onder meer of daarvoor een aparte categorie zou kunnen worden overwogen. Van Bruggen kon die vraag niet direct beantwoorden en komt hier schriftelijk op terug.

VVD maakt effectiviteit van maatregelen tot toetssteen

Bart Bikkers koos namens de VVD nadrukkelijk voor het behoud van een gereguleerde markt, maar combineerde dat met stevige taal over illegaliteit.

“Gokken is een realiteit”, was zijn uitgangspunt. Volgens de VVD is daarom een goed gereguleerde markt nodig met stevige spelersbescherming en een “keiharde” aanpak van het illegale aanbod. Als de overheid de legale markt steeds verder dichtregelt terwijl illegale aanbieders bereikbaar blijven, verdwijnen juist de spelers die bescherming nodig hebben uit beeld.

Bikkers (een keer abusievelijk als Bikker verhaspeld door Van Bruggen) stelde bij nieuwe regels daarom de vraag: werkt de maatregel daadwerkelijk? Niet alleen de effecten op legaal speelgedrag moeten volgens hem worden gemeten, maar ook eventuele verschuiving naar illegale aanbieders.

Voor de illegale markt wilde hij vooral drie dingen: blokkering van betalingen, snellere blokkering van websites, en veel harder optreden tegen advertenties op sociale media. De VVD'er had weinig geduld met verwijzingen naar gesprekken met bedrijven als Meta en Google en vond het tijd voor actie. Toen Van Bruggen vertelde dat de Ksa voortdurend met die bedrijven over illegale gokreclames spreekt, stelde Bikkers dat hij op sociale media weinig resultaat ziet. Volgens hem kunnen dergelijke platforms met hun algoritmes veel meer doen wanneer ze dat daadwerkelijk willen.

Van Bruggen sloot zich opvallend stevig bij die kritiek aan. Ze erkende de complexiteit van het kat-en-muisspel, maar zei over de aanpak van Meta en Google uiteindelijk: “no mercy”.

Bikkers vroeg daarnaast aandacht voor Cruks. Vergunninghouders kunnen niet zien waarom een speler niet bij hen kan gokken en weten daardoor ook niet welke voormalige klanten vanwege gokproblemen in het register staan. Dat maakt bijvoorbeeld het volledig uitsluiten van commerciële communicatie momenteel nog onmogelijk.

Van Bruggen wilde aanbieders geen toegang geven tot meer Cruks-informatie. Anonimiteit is volgens haar een belangrijk onderdeel van het register en ruimere gegevensdeling kan de bereidheid van mensen om zichzelf in te schrijven verminderen. De geplande overkoepelende limieten en draagkrachttoets moeten op andere manieren bijdragen aan bescherming.

Dobbe wil kabinet op vrijwel alle onderdelen verder laten gaan

Sarah Dobbe zette namens de SP de lijn voort die Bikker aan het begin van het debat had neergezet.

Zij herinnerde eraan dat haar voorganger Nine Kooiman al in 2016 waarschuwde dat grootschalige beschikbaarheid van gokapps nieuwe spelers zou aantrekken. Volgens Dobbe is die voorspelling uitgekomen: meer mensen zijn online gaan gokken en ook het beroep op de verslavingszorg neemt toe.

De SP werkt daarom samen met de ChristenUnie aan een initiatiefwet met onder meer hogere boetes, meer mogelijkheden om vergunningen te schorsen, snellere blokkering van illegale goksites, een verdergaand reclameverbod en verbeteringen aan Cruks.

Dobbe vond verschillende daarvan wel terug in de plannen van Van Bruggen, maar niet snel en stevig genoeg. Ze wees er onder meer op dat illegale aanbieders bij eenvoudige zoekopdrachten nog altijd gemakkelijk vindbaar zijn en dat Meta geld verdient aan advertenties voor dergelijke websites.

Ook vroeg zij opnieuw om hogere boetes. Tijdens een interruptie stelde Dobbe dat huidige sancties door sommige illegale aanbieders simpelweg als bedrijfsrisico kunnen worden ingecalculeerd. Ze ging er daarbij aan voorbij dat illegale gokbedrijven de boetes momenteel überhaupt niet betalen.

Van Bruggen stond open voor hogere sancties en laat onderzoeken of de huidige maxima voldoende afschrikwekkend zijn. Zij wees wel op een tweede probleem: een hoge boete opleggen heeft weinig effect wanneer die bij een buitenlandse partij vervolgens niet kan worden geïnd. De Ksa kan nu al omzetgerelateerde boetes opleggen tot 10% van de wereldwijde netto-omzet.

Dobbe vroeg verder waarom een aangenomen motie over gokken met geleend geld nog niet is uitgevoerd. Van Bruggen zei dat zij het verbieden van bijvoorbeeld creditcards voor gokken een aantrekkelijke gedachte vindt en de juridische mogelijkheden onderzoekt. Een probleem is nog hoe “geleend geld” precies moet worden afgebakend en hoe overtredingen kunnen worden vastgesteld.

Ook fysieke speelautomaten en crypto kwamen in de SP-bijdrage aan bod. Dobbe wees erop dat sommige landgebonden kansspelen eveneens een hoog risicoprofiel hebben en vroeg waarom de politieke aandacht hoofdzakelijk op online gokken ligt. Daarnaast zag zij overeenkomsten tussen problematisch gokken en speculatief handelen in crypto.

Van Bruggen bevestigde dat er raakvlakken zijn tussen crypto en gokken. Daytrading valt primair onder het ministerie van Financiën. Gokken met crypto is bij Nederlandse vergunninghouders niet toegestaan en de Ksa houdt daar toezicht op. Voor landgebonden kansspelen blijft de lijn dat het beleid uiteindelijk risicogebaseerd moet worden, maar de meest urgente ingrepen zich eerst op online gokken richten.

Keijzer maakt van loterijgeld een politieke kwestie

Mona Keijzer sloot de eerste termijn af met een bijdrage die grotendeels buiten de hoofdstrijd over online gokken viel.

Zij richtte zich op goededoelenloterijen. Volgens Keijzer hebben deelnemers onvoldoende zeggenschap over de organisaties die met hun inleg worden gefinancierd. Zij wil daarom “geoormerkt spelen”: spelers zouden vooraf moeten kunnen aangeven welk maatschappelijk doel zij met hun deelname willen steunen.

Daarbij richtte Keijzer haar kritiek vooral op organisaties die naast maatschappelijke activiteiten ook lobbyen, campagne voeren, of juridische procedures (tegen de overheid) starten. Zij vond dat deelnemers niet automatisch zouden moeten meebetalen aan politieke beïnvloeding waar zij zelf niet achter staan.

Van Bruggen deed Keijzer geen toezegging over geoormerkt spelen. Zij wees op de bestaande regelgeving en de maatschappelijke betekenis van de financiering van goede doelen. Een deel van het onderwerp ligt bovendien op het terrein van Financiën. Van Bruggen beloofde het punt daar wel mee te nemen.

Grootste overeenstemming lag bij illegale markt

ChristenUnie, PRO, SGP, CDA, D66, VVD en SP wilden allemaal meer mogelijkheden om illegale goksites te bestrijden. Zelfs FVD erkende de omvang van het probleem, al is die partij terughoudender met nieuwe blokkadebevoegdheden voor de overheid.

Ook over de rol van Meta, Google, banken en betaaldienstverleners bestond veel overeenstemming. De klassieke tegenstelling tussen de kansspelsector en voorstanders van strengere regulering verdween daar. Dezelfde partijen die vaak tegenover elkaar staan op het gebied van reclame, leeftijdsgrenzen en vergunningen vinden elkaar wanneer het gaat over websites zonder vergunning.

Van Bruggen voelde zich daardoor gesteund. Zij noemde de bestrijding van illegaal gokken een topprioriteit en wil de Ksa extra bevoegdheden geven. Voor buitenlandse websites ontbreekt momenteel alleen nog de benodigde wettelijke basis om providers tot blokkering te verplichten.

Ook in de keten wil zij verder gaan. De wet moet duidelijker omschrijven wanneer bijvoorbeeld een betaaldienstverlener, platform, of andere partij het illegale aanbod faciliteert. Europese samenwerking moet bovendien worden geïntensiveerd, juist omdat grote techbedrijven, servers, betaalroutes en aanbieders over landsgrenzen heen opereren. Van Bruggen beloofde het onderwerp bij haar Europese collega's aan te kaarten.

Toezeggingen van Van Bruggen

Aan het einde van het debat werden verschillende toezeggingen formeel genoteerd. Van Bruggen komt in ieder geval terug op:

  • het gesprek met de Ksa over aanbieders die gevraagde spelersgegevens niet aanleveren en de rol van algoritmes bij het herkennen van risicovol speelgedrag;
  • een nadere uitwerking van de proportionaliteitstoets rond het gebruik van identiteiten door de Ksa bij online toezicht, waaronder de vraag of een tussenvariant mogelijk is tussen een gastaccount en een volledig fictieve identiteit;
  • de monitoring die bepalend moet zijn voor een eventuele toekomstige verhoging van de minimumleeftijd naar 21 jaar;
  • relevante uitspraken van de Hoge Raad over illegaal kansspelaanbod;
  • de vragen over prediction markets zoals Polymarket, waarop Van Bruggen schriftelijk terugkomt.

Daarnaast kondigde of bevestigde Van Bruggen gedurende het debat verschillende andere vervolgstappen:

  • Het kabinet werkt verder aan een wettelijke bevoegdheid waarmee illegale buitenlandse goksites via internetproviders kunnen worden geblokkeerd. Een DNS-blokkade is daarbij de belangrijkste denkrichting.
  • De conceptwetgeving moet volgens de huidige planning begin 2027 in consultatie gaan. Van Bruggen noemde die planning zelf ambitieus en wilde geen datum voor inwerkingtreding beloven.
  • Er wordt onderzocht of de maximale boetes voor illegale aanbieders hoog genoeg zijn.
  • Het kabinet onderzoekt de mogelijkheden om gokken met geleend geld te verbieden.
  • Van Bruggen wil de internationale samenwerking tegen illegaal gokken intensiveren en het onderwerp bespreken met Europese collega's.
  • Het WODC onderzoekt de gevolgen van het beperken van het aantal vergunningen voor online kansspelen. De resultaten worden in 2027 verwacht.
  • De Ksa wordt verantwoordelijk voor het centrale systeem voor de overkoepelende limiet en de daaraan gekoppelde draagkrachttoets.

Eerst een tweeminutendebat, daarna begint het wetgevende werk

Mirjam Bikker heeft een tweeminutendebat aangevraagd en zal daarbij als eerste spreker optreden. De datum daarvan was op vrijdag 4 september nog niet bekend. Tijdens zo'n plenair vervolg kunnen Kamerleden moties indienen en de staatssecretaris opleggen om een duidelijke positie te kiezen op onderwerpen waar tijdens het commissiedebat geen overeenstemming over werd bereikt.

Het ligt voor de hand dat vooral de leeftijdsgrens van 21 jaar, de snelheid waarmee illegale websites kunnen worden geblokkeerd, de hoogte van sancties, het reclameverbod, en de bevoegdheden van de Ksa opnieuw terugkomen.

Daarna volgt een nieuwe voortgangsrapportage. Daarin moeten verschillende toezeggingen uit dit debat zijn uitgewerkt. Van Bruggen zal daarnaast de ontwikkelingen op de illegale markt blijven volgen aan de hand van onder meer de halfjaarlijkse monitor van de Ksa en ander onderzoek. Vooral de vraag hoeveel jonge spelers daadwerkelijk naar illegaal aanbod uitwijken, wordt bepalend voor een eventuele nieuwe afweging over de leeftijdsgrensverhoging.

Een ander eerstvolgend concreet moment is 1 oktober 2026. Dan lopen de eerste vijfjarige vergunningen af die bij de opening van de online markt zijn verstrekt. Vergunninghouders die opnieuw door de toets van de Ksa komen, krijgen opnieuw een vergunning voor vijf jaar. Het aangekondigde onderzoek naar een mogelijke beperking van het aantal vergunningen komt voor die verlengingen dus te laat.

Op langere termijn wacht de veel grotere herziening van de Wet op de kansspelen. Van Bruggen wil het kabinetsvoorstel begin 2027 in consultatie brengen. Tegelijkertijd werken ChristenUnie en SP aan hun initiatiefwet en ligt er de initiatiefnota van SGP en CDA.

Opvallend was dat Van Bruggen tijdens het debat juist in die parallelle trajecten mogelijkheden voor samenwerking zag. Op het terugdraaien van de legalisering ligt een fundamenteel verschil van inzicht, maar op onderwerpen als illegale websites, toezicht, reclame, zorgplicht, en bevoegdheden van de Ksa zag zij veel overlap.

De richting van het toekomstige kansspelbeleid wordt steeds duidelijker: strenger toezicht, minder ruimte voor online reclame, centrale financiële bescherming, en veel meer aandacht voor de illegale markt.

Veelgestelde vragen

De Kamer is breed voorstander van een hardere aanpak van illegale goksites, maar de fracties verschillen sterk van mening over verdere beperkingen voor de legale markt. Vooral de minimumleeftijd, reclame, het aantal vergunningen en de rol van kanalisatie zorgen voor verdeeldheid.

Nee. Staatssecretaris Van Bruggen wil de leeftijd pas verhogen wanneer uit monitoring en onderzoek voldoende blijkt dat 18- tot 20-jarigen daardoor niet op grote schaal uitwijken naar illegale aanbieders. ChristenUnie, SGP en CDA drongen tijdens het debat aan op een snellere verhoging.

Voor Nederlandse .nl-domeinen kan de Ksa al samenwerken met SIDN. Voor buitenlandse domeinen ontbreekt een wettelijke grondslag om Nederlandse internetproviders tot blokkering te verplichten. Van Bruggen wil die bevoegdheid opnemen in nieuwe wetgeving en denkt daarbij vooral aan DNS-blokkades.

Er komt een plenair tweeminutendebat waarin Kamerleden moties kunnen indienen. Daarnaast volgt een nieuwe voortgangsrapportage van de staatssecretaris en werkt het kabinet verder aan een wetsvoorstel dat volgens de huidige planning begin 2027 in consultatie moet gaan.

Partners

CasinoNieuws.nl heeft overeenkomsten met aanbieders van online kansspelen en gebruikt hiervoor affiliate-links. Als u via zo’n link een account aanmaakt, dan krijgen wij daar een commissie voor, zonder extra kosten voor u. Onze partners hebben geen invloed op de redactionele inhoud en reviews van CasinoNieuws.

Laat een reactie achter

Frank Op de Woerd CasinoNieuws

Frank Op de Woerd

Hoofdredacteur CasinoNieuws.nl
Frank Op de Woerd is hoofdredacteur van CasinoNieuws.nl. Hij werkt sinds 2006 in de wereld van online kansspelen. Hij is een expert op het gebied van de Nederlandse kansspelwetgeving, online casino's, landgebonden casino's, en poker. Op de Woerd is lid van de Nederlandse Vereniging van Journalisten en het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren.