Het verbod op ongerichte reclame maakt de Nederlandse markt steeds minder de moeite waard voor enkele nieuwe partijen, zo denkt Peter-Paul de Goeij. Die bezorgdheid uitte de voorzitter van NOGA in de iGaming Next-podcast.
Op donderdagmiddag 29 juni was de voorzitter van de branchevereniging NOGA, Peter-Paul de Goeij, te gast in de wekelijkse podcast van iGaming Next. Hosts Jake Evans en Nico Jansen doken samen met De Goeij de diepte in als het gaat om de Nederlandse kansspelmarkt. Uiteraard was er vooral aandacht voor het verbod op ongerichte reclame dat vanaf 1 juli actief zal zijn.
Dat verbod heeft grote gevolgen voor eventuele nieuwkomers op de Nederlandse kansspelmarkt, zo concludeerde het drietal in de podcast. Nieuwe partijen zouden immers vrijwel geen reclame meer kunnen maken en kunnen daardoor moeilijker een plekje bemachtigen tussen de gevestigde namen in de Nederlandse markt.
Een van de kijkers van de videopodcast, Vesa Rintamäki, vroeg zich af of het reclameverbod het illegale aanbod niet juist bevorderde. Want waarom zou een aanbieder zonder vergunning voor een Nederlandse licentie gaan als je niet kan adverteren zoals je nu wel kunt doen? Peter-Paul de Goeij noemde dat een zeer belangrijk vraagstuk. Het is nog maar de vraag of ons land voor gokbedrijven nog wel de moeite waard is, zo zei hij:
“Het is de belangrijkste vraag. Als je te veel sloten op de deur zet, zul je spelers, vooral nieuwe spelers, wegjagen naar het illegale aanbod. En als je geen reclame kunt maken voor je aanbod, wordt het steeds moeilijker om het in Nederland de moeite waard te maken.”
Peter-Paul de Goeij
Vraagtekens bij kanalisatiegraad
Het is volgens De Goeij dan ook afwachten wat het verbod op ongerichte reclame voor gevolgen zal hebben voor de kanalisatie.
Volgens de Kansspelautoriteit (Ksa) is de kanalisatiegraad op basis van spelers nu 92%, zo bleek uit de monitoringsrapportage voorjaar 2023. De Goeij zet hier zijn vraagtekens bij, zo zei hij in de podcast. De Goeij twijfelt over de betrouwbaarheid van de gebruikte onderzoekstechnieken. Volgens hem is het alleen maar goed dat dergelijke onderzoeken gedaan worden, maar geeft het slechts een beeld van de situatie en geen exacte weergave.
Voor spelers bij het illegale aanbod werd namelijk gebruik gemaakt van de data van GfK. GfK trackt dataverkeer door het installeren van een app bij de deelnemers. Via deze app wordt bijgehouden welke websites worden bezocht. In dit specifieke geval dus óf en hoelang mensen illegale goksites bezoeken. De Goeij denkt echter dat de spelers die gokken bij illegale aanbieders niet meewerken aan dit soort onderzoeken:
“Mensen die naar illegale aanbieders gaan, werken niet met GfK.”
Peter-Paul de Goeij
Gebaseerd op onderbuikgevoel
Host Nico Jansen, die grapte dat hij de neef was van Kansspelautoriteit-voorzitter René Jansen, sprak over zijn ervaringen in Duitsland en de lobby daar tegen het (online) gokken. Volgens hem worden dergelijke verboden vaak doorgevoerd op basis van onderbuikgevoel. Hij is van mening dat ingrijpende beslissingen, zoals zo'n reclameverbod, gebaseerd moeten worden op feiten. Dat gebeurt in Duitsland niet altijd en hij vraagt zich of dit in Nederland anders is.
Volgens De Goeij is dit in Nederland niet anders. Hij noemt het verbod op ongerichte reclame ongegrond en ‘feitenvrij populisme'. Al was het volgens hem van te voren te verwachten dat er dergelijke maatregelen genomen zouden worden. De lobby vanuit de verslavingszorg is erg sterk, zo liet hij weten. Deze lobby begon al voor de Wet Kansspelen op afstand was ingevoerd, dus nog voor de gokreclames zichtbaar waren. Daarom blijft De Goeij bij zijn standpunt: deze beslissingen moeten genomen worden op basis van onderzoek en feiten, een sentiment dat eerder werd uitgesproken door Nederlandse Loterij-directeur Niels Onkenhout.