Zondag 26 juni 2022

Weerwind verwijst naar eerdere antwoorden in reactie op kamervragen SP en CU

Minister Franc Weerwind

Minister voor Rechtsbescherming Franc Weerwind heeft antwoord gegeven op de kamervragen die Michiel van Nispen (SP) en Mirjam Bikker (ChristenUnie) over het naderende verbod op gokreclames in België. Daarin verwees hij vooral naar informatie die hij eerder al deelde met de kamer.

Op 11 mei dienden Van Nispen en Bikker kamervragen over gokreclames in België in bij minister Weerwind. Een aantal dagen daarvoor was naar buiten gekomen dat de Belgische overheid gokreclames wil gaan verbieden. Ook wilde het tweetal een antwoord van de minister over de stand van zaken aangaande speellimieten, bonussen, en reclames in Nederland.

Gister kwam minister Weerwind met antwoord (DOCX, 76 kB) op de acht kamervragen. Daarin verwijst hij meermaals naar zijn brieven aan de kamer van 17 maart (reclameverbod komt eraan) en 21 april (overkoepelende speellimieten worden overwogen). Ook verwijst hij naar de op 2 mei geüpdate Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen waarin staat dat het gebruik van rolmodellen niet meer is toegestaan vanaf 30 juni 2022.

Op de vraag hoe de branche zich houdt aan de afspraken die zijn gemaakt, antwoord de minister dat de sector nog bezig is met implementatie. Er is nog geen overeenstemming bereikt over het opnemen van de afspraken in de Reclamecode online kansspelen, zo meldt de minister. Wel benoemt de minister dat diverse aanbieders hun speellimieten inmiddels hebben aangepast. Zo is bij sommige online casino’s het nog maar mogelijk om 8 uur per dag te spelen en kunnen jongvolwassenen in veel diverse gevallen nog maar € 400 per maand verliezen.

Zoals ook in België te zien was, nam het aantal gokkers toe tijdens de coronapandemie, zo zegt Weerwind. Onder jongeren was die toename niet zichtbaar volgens de minister. Weerwind gaf ook bij dit antwoord aan dat hij die data al eerder gecommuniceerd had met de kamer.

Bikker en Van Nispen sloten af met de vraag of in Nederland, net als in België gesteld wordt, 40% van de winst van gokbedrijven “afkomstig is van mensen met een gokverslaving.” Weerwind antwoordde dat er in Nederland geen vergelijkbaar onderzoek is gedaan. Ook vraagt hij zich af in hoeverre de resultaten uit dat onderzoek toepasbaar zijn op de situatie in Nederland.

Ook het CDA stelde kamervragen naar aanleiding van de berichtgeving dat België gokreclames in de ban willen doen. Minister Weerwind heeft die vragen nog niet beantwoord.

Mirjam Bikker heeft inmiddels nieuwe kamervragen gesteld aan minister Weerwind. Samen met partijgenoot Don Ceder wil het ChristenUnie-lid weten wat het kabinet denkt van het gebrek aan toezicht op de goksector op Curaçao. Dit naar aanleiding van een radiouitzending van VPRO-programma Argos over de goksector op Curaçao en de stukken van Investico en De Groene Amsterdammer over Curaçao.

Het bericht dat de Belgische overheid gokreclames aan banden gaat leggen

2022Z09116 | Vragen van de leden Van Nispen (SP) en Bikker (ChristenUnie) aan de minister voor Rechtsbescherming over het bericht dat de Belgische overheid gokreclames aan banden gaat leggen (ingezonden 11 mei 2022)

Vraag 1: Heeft u kennisgenomen van het bericht dat de Belgische federale regering gokreclames wil gaan verbieden?

Antwoord op vraag 1: Ja

Vraag 2: Kunt u aangeven hoe het staat met het door u aangekondigde voorstel voor de zomer een wijziging van de Wet op de kansspelen aan de Kamer te sturen om reclame voor risicovolle kansspelen in te perken? Op welke termijn wordt dit wetsvoorstel aan de Kamer gestuurd?

Vraag 3: Heeft u inmiddels het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen aangepast en dit ter consultatie aangeboden? Zo nee, wanneer denkt u dit te gaan doen?

Antwoord op vragen 2 en 3: Op dit moment wordt gewerkt aan de maatregelen om reclame voor risicovolle kansspelen verder in te perken, zoals aangekondigd in de brieven aan uw Kamer van 17 maart en 21 april. Ik ben voornemens om eerst het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen aan te passen. Daarin zijn momenteel regels opgenomen over reclame en de gerichtheid daarvan. Het beoogde verbod op ongerichte reclame voor risicovolle kansspelen kan naar verwachting in grote mate met een aanpassing van het Besluit ingevuld worden. Het conceptbesluit wordt momenteel uitgewerkt en ligt op koers om voor de zomer in consultatie te worden gegeven. Beoogd wordt om gelijktijdig de voorhangprocedure te starten. Daarna zal ik bezien in hoeverre de wet op de kansspelen nog aanvullend wijziging op dit punt behoeft.

Vraag 4: Heeft u de Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen reeds aangepast zodat bijvoorbeeld rolmodellen, geen rol meer mogen spelen in reclames voor risicovolle kansspelen? Zo ja, kunt u aangeven wat u precies aan deze regeling heeft gewijzigd en per wanneer de nieuwe regeling in werking treedt? Zo nee, waarom niet en per wanneer kan de Kamer de gewijzigde Regeling dan wel verwachten?

Antwoord op vraag 4: De wijzigingsregeling Werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen is op 2 mei 2022 gepubliceerd in de Staatscourant. Met de wijziging wordt de inzet van rolmodellen bij reclame voor risicovolle kansspelen verboden. De regeling treedt per 30 juni 2022 in werking.

Vraag 5: Kunt u aangeven in hoeverre alle vergunde aanbieders van kansspelen zich houden aan de afspraken die u met de sector heeft gemaakt, in het bijzonder de volgende afspraken: geen reclame op de radio, geen reclame in de buitenruimte, geen reclame in de geprinte media, en het hanteren van kortere tijdsvensters voor tv-reclames? Bent u tevreden over de naleving van deze afspraken? Zo nee, wat gaat u hieraan doen?

Antwoord op vraag 5: Zoals in de brief van 21 april 2022 gemeld, is de sector nog bezig met de implementatie. De gesprekken over het opnemen van de afspraken in de Reclamecode online kansspelen, waarmee de afspraken algemeen verbindend zouden worden, zijn nog niet afgerond. Ik vind het belangrijk dat de sector zich maximaal inspant om de gemaakte afspraken in juni zo spoedig en volledig mogelijk te implementeren. Zoals aangekondigd in mijn brief van 21 april verwacht ik in het najaar nieuwe cijfers met uw Kamer te delen. Ondertussen werk ik aan de aanpassing van het besluit Werving, reclame en verslavingspreventie waarin dit soort aspecten ook aan bod komen.

Vraag 6: Kunt u aangeven hoe de vergunde aanbieders invulling hebben gegeven aan de open norm voor limieten en het beperken van de communicatie over bonussen? Heeft de Kansspelautoriteit voldoende capaciteit om erop toe te zien dat vergunde aanbieders zich nu inderdaad aan de geest van de wet houden? Zo ja, waaruit blijkt dat?

Antwoord op vraag 6: Zoals ik heb gemeld in mijn brief van 21 april heb ik met de sector gesproken en hen gevraagd te kijken naar mogelijke kaders voor speellimieten. Een aantal partijen heeft inmiddels al enkele limieten verlaagd. Zo is de maximale speelduur bij veel aanbieders tot acht uur per dag beperkt en zijn bijvoorbeeld limieten van 400 euro per maand ingesteld voor jongeren.1 Daarnaast hebben de twee brancheorganisaties voor online kansspelen zich eraan gecommitteerd om de online communicatie over bonussen verder te beperken. Ik juich toe dat de sector haar verantwoordelijkheid neemt door deze afspraken te maken. De Kansspelautoriteit (Ksa) houdt toezicht op de wet- en regelgeving ten aanzien van limieten en bonussen. De Ksa heeft momenteel voldoende capaciteit om toezicht te houden op de geldende wet- en regelgeving. Zij vult dit toezicht risicogestuurd in en acteert op basis van eigen onderzoek en signalen die aan de Ksa worden gemeld. Of de aanbieders zich houden aan de regels in het kader van zelfregulering is aan de brancheorganisaties en de Reclamecodecommissie.

Vraag 7: Kunt u ingaan op de opmerking van de Belgische minister van Justitie dat tijdens de coronapandemie het aantal gokkers fors is gestegen, onder jongeren zelfs een stijging van 43 procent? Heeft u reden om aan te nemen dat dit in Nederland anders is en waarop baseert u dit? 

Antwoord op vraag 7: De vraag of jongeren (meer) zijn gaan deelnemen aan kansspelen in de periode dat coronamaatregelen golden heb ik in mijn brief aan uw Kamer van 17 maart jl. beantwoord. Ik heb via het WODC de onderzoekers van de nieuwe meting modernisering kansspelbeleid (2021) gevraagd om een analyse van de data die zij reeds verzameld hebben ten behoeve van het eerdere onderzoek. De onderzoekers laten zien dat deelname aan online kansspelen tijdens het eerste jaar met coronamaatregelen is toegenomen.2 Deze toename is niet aantoonbaar onder jongeren (16 tot en met 24 jaar).

Vraag 8: De Belgische overheid noemt dat op basis van internationaal onderzoek naar voren komt dat zo’n 40 procent van de winst van gokbedrijven afkomstig is van mensen met een gokverslaving, bent u bekend met dit onderzoek en wat is uw reactie op de bevindingen? Geldt dit ook voor de gokbedrijven waar de Nederlandse staat in deel neemt?

Antwoord op vraag 8: In Nederland is niet een dergelijk onderzoek uitgevoerd. Het is dan ook de vraag in hoeverre de resultaten uit dit onderzoek van toepassing zijn op de situatie in Nederland en of het dan gaat om illegale of legale aanbieders. Dat neemt niet weg dat verslavingspreventie te allen tijde, bij alle aanbieders, hoog in het vaandel moet staan. Met de wet Kansspelen op afstand is een fors maatregelenpakket in werking getreden om te voorkomen dat iemand een kansspelverslaving ontwikkelt. Aanbieders zijn verplicht in te grijpen wanneer iemand problematisch speelgedrag ontwikkelt. In het uiterste geval wordt een speler ingeschreven in CRUKS. Aanbieders dragen ook af aan het verslavingspreventiefonds, zodat passende hulp kan worden geboden, onderzoek naar verslavingspreventie kan worden gedaan en nieuwe inzichten op het gebied van verslavingspreventie kunnen worden ingezet. In 2024 wordt de wet Kansspelen op afstand geëvalueerd. De mate waarin het doel van het voorkomen van kansspelverslaving wordt gerealiseerd maakt daar onderdeel van uit.

1 Met uitzondering van spelen waar bijvoorbeeld toernooien worden gespeeld die langer dan acht uur duren.

2 In de periode maart/april 2020-maart/april 2021.

Foto Minister Franc Weerwind door Pro Shots/Koen Laureij.

Laat een reactie achter