Woensdag 1 februari 2023

Speel bewust

Ministerie bestudeert advies RvS, branche reageert

RvS advies Reacties Raad van State advies

Terwijl het ministerie van Justitie en Veiligheid nog druk bezig is met het bestuderen van het advies van de Raad van State (RvS), schijnen diverse ingewijden al hun licht over de materie. Lobbyist Bert Bakker: “Het zou een wonder zijn als de AMvB voor 1 april kan ingaan.”

Deze week werd het advies van de Raad van State Afdeling advisering in zake het voorgenomen verbod op gokreclames gepubliceerd. Eind december werd die al aangeboden aan de minister. Gevraagd om een reactie, laat het ministerie weten bezig te zijn met het bestuderen van het advies:

“We bestuderen het advies van de Raad van State en nemen dat mee in het vervolgtraject. Daarin worden alle belangen in de sector zorgvuldig meegewogen.”

Paul van der Zanden, woordvoerder minister Weerwind

CasinoNieuws.nl vroeg diverse betrokkenen uit de kansspelbranche naar hun gedachten bij het advies. Naast de twee brancheverenigingen NOGA (Peter-Paul de Goeij) en VNLOK (Daan van Hoogmoed), delen ook advocaten Justin Franssen (Kalff Katz & Franssen) en Machteld Robichon (Bureau Brandeis), lobbyist Bert Bakker (Meines Holla & Partners), en KVA-voorman Steven Vrolijk hun inzichten en mening.

Peter-Paul de Goeij NOGA

NOGA-directeur Peter-Paul de Goeij kan zich vinden in de kritiek van de Raad van State en spreekt de hoop uit dat de regering de adviezen integraal zal overnemen:

Peter-Paul de Goeij (NOGA) over RvS advies

“NOGA heeft kennis genomen van het advies van de Raad van State inzake het voorgenomen verbod op ongerichte reclame voor risicovolle kansspelen.

“Met NOGA is de Raad onder meer kritisch over de probleemanalyse en probleemaanpak door de regering. De Raad merkt – terecht – op, dat de regering nog niet precies weet wat de effecten zijn van de legalisering van online kansspelen en van de reclame die daarvoor wordt gemaakt. Met deze vaststelling door de Raad staat voor NOGA de rechtvaardiging van deze ingreep ter discussie. NOGA heeft ook steeds bepleit om geen beleid aan te passen op basis van angsten en aannames maar op basis van feiten en onderzoek.

“Voorts is de Raad terecht kritisch over de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid van het verbod en roept de regering op te verduidelijken wat het verstaat onder ‘aantoonbare maatregelen’. Dit is in het belang van de rechtszekerheid en ook noodzakelijk voor aanbieders van kansspelen om te weten hoe zij hieraan kunnen voldoen.

“NOGA hoopt dat de regering de adviezen van de Raad integraal zal overnemen en het voorgenomen besluit op die onderdelen zal aanpassen en verbeteren.”

Peter-Paul de Goeij, NOGA

Daan van Hoogmoed VNLOK

Daan van Hoogmoed, secretaris van branchevereniging VNLOK, ziet veel van hun reactie op de consultatie terugkomen in het advies van de Raad van State. Namens de branchevereniging spreekt Van Hoogmoed de hoop uit dat het ministerie het ontwerpbesluit in overeenstemming brengt met de geuite zorgen:

Daan van Hoogmoed (VNLOK) over RvS advies

“De VNLOK heeft het advies van de Raad van State (RvS) over het ontwerpbesluit van de regering voor een verbod op ongerichte reclame voor online kansspelen met belangstelling gelezen. Terecht wijst de RvS op het feit dat het besluit om ongerichte reclame te verbieden, is genomen zonder dat de regering precies weet wat de effecten zijn van de legalisering van online kansspelen en de reclame die daarvoor wordt gemaakt. Om die reden hebben wij er ook altijd voor gepleit om te wachten met (grote) wijzigingen in de online kansspelwetgeving tot de wetsevaluatie in 2024 is afgerond.

“Ook zijn er nieuwe feiten, aangezien de voorzitter van de Kansspelautoriteit immers recent heeft geconstateerd dat het aantal gokkers niet is toegenomen. Dit werpt opnieuw vragen op over de juridische houdbaarheid, naast eerdergenoemde bezwaren op het gebied van privacy en vrij verkeer van diensten.

“De VNLOK heeft tijdens de consultatie ook een reactie gegeven op het ontwerpbesluit. Wij zien veel van de door ons geuite zorgen terugkomen in het advies van de RvS. Wij hopen dan ook dat het ministerie van Justitie en Veiligheid onze zorgen ter harte neemt en het ontwerpbesluit hiermee in overeenstemming brengt.”

Daan van Hoogmoed, VNLOK

Justin Franssen Kalff Katz Franssen logo via CasinoNieuws.nl PNG

Justin Franssen van advocatenkantoor Kalff Katz & Franssen ziet eveneens de nodige kritiek in het advies van de RvS, maar voorspelt geen vertraging:

Justin Franssen (Kalff Katz & Franssen) over RvS advies

“De Afdeling advisering van de RvS stelt zich vragen over de noodzakelijkheid van de voorgenomen maatregelen tegen de achtergrond van het gebrek aan solide en eenduidige cijfers onder andere op het terrein van kansspelverslaving en de effecten van het huidige kansspelbeleid. In die zin krijgt de breedgedragen kritiek uit de sector bijval van de Afdeling advisering.

“Datzelfde lijkt te gelden voor de kritiek op de effectiviteit en de handhaafbaarheid van het voorgestelde verbod. Indien de voorgestelde maatregelen niet goed kunnen worden uitgevoerd dan zijn de maatregelen bovendien Unierechtelijk kwetsbaar.

“De Afdeling verzoekt om nadere uitwerking en toelichting op een behoorlijk aantal onderdelen. In lekentaal: er rammelt het nodige aan de onderbouwing van het voorgestelde Besluit. Hoewel de Raad van State de nodige kritiek heeft, zou het me niet verbazen als het gewoon ingevoerd wordt in februari.”

Justin Franssen, Kalff Katz & Franssen

Machteld Robichon bureau brandeis logo via CasinoNieuws.nl

Machteld Robichon, advocate bij Bureau Brandeis dat eerder werd ingeschakeld door NOGA, haalt net als Justin Franssen het Unierecht aan als mogelijk struikelblok voor het reclameverbod:

Machteld Robuchon (Bureau Brandeis) over RvS advies

“De Afdeling advisering constateert dat het verbod op ongerichte reclame de vrijheid van diensten uit artikel 56 Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (“VWEU”) raakt. Gezien de vragen van de Afdeling advisering over de effectiviteit en uitvoerbaarheid van het reclameverbod, in het bijzonder wat betreft reclame op internet, en het advies om de noodzakelijkheid van het verbod nader toe te lichten, is daarom de vraag of het verbod zal voldoen aan de Unierechtelijke eisen inzake de geschiktheid van de maatregel en het op samenhangende en stelselmatige wijze nastreven van de doelstelling om kansspelverslaving tegen te gaan. Dat is in ieder geval nu niet aangetoond. ”

Machteld Robichon, Bureau Brandeis

Bert Bakker Meines Holla & Partners Bert Bakker

Bert Bakker van adviesbureau Meines Holla & Partners ziet behoorlijk wat onzekerheid geuit in het advies van de RvS, en voorziet een vertraging van invoering van de Algemene Maatregel van Bestuur:

Bert Bakker (consultant Meines Holla & Partners) over RvS advies

“Het advies van de Raad van State over het reclameverbod is kritisch van toon, maar billijkt uiteindelijk de genomen maatregelen. Wel vindt de Raad dat de minister veel beter moet uitleggen waar aanbieders zich aan moeten houden, anders komt de rechtszekerheid in het gedrang.

“Dat begint al bij de verwondering over het vergaande besluit, terwijl nog geen eenduidige en heldere cijfers beschikbaar zijn over de effecten van de legalisering op bijvoorbeeld het aantal spelers en een eventuele (maar niet vastgestelde) toename van kansspelverslaving. De minister moet dat beter onderbouwen.

“Dat geldt ook voor de beperking van de vrije meningsuiting die een reclameverbod nu eenmaal inhoudt – artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (en onze eigen Grondwet) zijn daarbij in het geding, net als de AVG (privacybescherming) op het moment dat aanbieders of reclamebureaus persoonsgegevens moeten gaan verwerken om te voorkomen dat reclame kwetsbare groepen bereikt op internet. Welke algoritmes mogen (of moeten) ze daarbij gebruiken en wie houdt daar dan effectief toezicht op?

“Er is dus vooral heel veel onduidelijk, volgens de Raad van State, en aanbieders kunnen op basis van deze algemene maatregel van bestuur niet weten waar ze zich aan te houden hebben. Moeten ze alleen hun best doen om kwetsbare spelers te mijden, of is dat een resultaatsverplichting? Hoe zit het met landgebonden aanbieders die onder de zelfde naam opereren als online aanbieders? Wat mogen websites van affiliates nog?

“De teksten van de minister bieden geen duidelijkheid, en dat moet anders, vindt de Raad. Niet in een ministeriële regeling die nog later komt, maar meteen, in de AMvB en de toelichting erop. Wie spelregels vaststelt, moet dat duidelijk doen. De onderbouwing is wankel, de uitwerking onvoldoende.

“De Raad van State gaat wel mee met verbod op ongerichte reclame, ook al vanwege de heftige emoties in de politieke en publieke discussie. Maar het huiswerk moet beter, en dat zal dus nog wel even duren. Het zou een wonder zijn als de AMvB voor 1 april kan ingaan.”

Bert Bakker, Meines Holla & Partners

Steven Vrolijk Keurmerk Verantwoorde Affiliates (KVA)

Steven Vrolijk, voorman van het Keurmerk Verantwoorde Affiliates, is blij dat de bewoording ‘verzekeren’ is ingeruild voor ‘aantoonbare maatregelen getroffen’ en is positief over de mogelijkheden voor affiliates na het advies van de RvS:

Steven Vrolijk (KVA) over RvS advies

“Allereerst is het een goede indicatie dat het Ministerie mee is gegaan in versoepeling van de bepaling na de consultaties. Daarnaast is het goed om te zien dat de RvS verder geen expliciet negatieve kijk op de affiliates heeft. Wel vraagt de RvS wat die ‘aantoonbare maatregelen’ dan precies zouden moeten zijn. Op dat punt sluit de RvS af met de volgende alinea:

“De Afdeling adviseert in het licht van het voorgaande in de toelichting nader te verduidelijken hoe het maken van reclame door andere partijen dan vergunninghouders effectief kan worden tegengegaan.”

“Daarbij gaat het dus om ongerichte internetreclame (er wordt immers ook specifiek aangehaald dat het Ministerie zich bewust moet zijn van ongevraagd geplaatste cookies). De RvS adviseert het Ministerie (niet bindend) om nog eens goed te kijken naar het definiëren van gerichte en ongerichte reclame, en op welke wijze aanbieders samen met affiliates gaan bijdragen aan het niet bereiken van die kwetsbare groepen. De RvS is het dus niet oneens met het Ministerie dat affiliates onder gerichte reclame vallen.

“Met al het bovenstaande in acht genomen, rekenen wij erop dat het definitieve besluit enkel meer duidelijkheid zal scheppen over de exacte werkwijze. Dat affiliates niet onder het verbod gaan vallen (onder eventuele aanvullende voorwaarden) lijkt een zeer logische uitkomst. Ook hamert de RvS op handhaafbaarheid van het besluit, waarmee aanbieders en affiliates erop kunnen rekenen dat onwerkbare situaties vermeden zullen worden.”

Steven Vrolijk, KVA

Foto’s Peter-Paul de Goeij, Justin Franssen, en Machteld Robichon met dank aan Gaming in Holland. Foto Bert Bakker via meinesholla.nl.

Laat een reactie achter