Deze week staan validatiesessies op het programma, het laatste onderdeel van de evaluatie van de Wet Kansspelen op afstand. In de validatiesessies worden betrokkenen gevraagd te reageren op stellingen en antwoord te geven op vragen. De vraagstelling en onderwerpkeuze geven inzicht in de evaluatie door onderzoeksbureau Dialogic.
Validatiesessies
De validatiesessies zijn de laatste stap in de evaluatie die uitgevoerd wordt middels de volgende onderzoeksmethodes:
- Literatuuronderzoek;
- Interviews met 34 stakeholders;
- Interviews met 11 aanbieders;
- Vragenlijst onder de resterende 14 aanbieders;
- Mystery guest onderzoek;
- Validatiesessies.
Het literatuuronderzoek betrof een analyse van wet- en regelgeving, rapportages, en bestaande onderzoeken zoals die onder andere veelvuldig zijn gedeeld op CasinoNieuws.nl. Het mystery guest-onderzoek heeft plaatsgevonden door accounts aan te maken, in te loggen, en vermoedelijk te spelen bij diverse legale online casino's in Nederland.
In het ontwerp van de Wet Kansspelen op afstand werd al opgenomen dat de wet drie jaar na het opengaan van de Nederlandse online gokmarkt geëvalueerd zou worden.
Die evaluatie wordt nu uitgevoerd door het bedrijf Dialogic in opdracht van het WODC (Wetenschappelijk Onderzoek en Datacentrum). Als de evaluatie is afgerond, wordt deze gedeeld met de Kamer. Dialogic deed eerder voor het WODC onderzoek naar het gebruik van promotionele kansspelen door legale online casino's.
Validatiesessies laatste stap
Om de evaluatie in oktober met de Kamer te kunnen delen, houdt Dialogic deze week zogenaamde validatiesessies met de stakeholders die input hebben geleverd tijdens de voorgaande stappen van de evaluatie.
Met de geplande validatiesessies wil Dialogic in het onderzoek getrokken conclusies en de opgenomen aanbevelingen valideren en toetsen op “feitelijke juistheid, consequenties en werkbaarheid.” Niet alle conclusies worden aan de stakeholders voorgelegd. Conclusies die “buiten kijf” staan, zijn niet opgenomen.
Vorige week zijn de presentaties gedeeld die als uitgangspunt moeten fungeren tijdens de validatiesessies die deze week plaatsvinden.
De validatiesessies vinden plaats aan de hand van de drie hoofdonderwerpen van de evaluatie die gelijk staan aan de drie doelstellingen van de Wet Kansspelen op afstand zelf en de drie doelstellingen van de Kansspelautoriteit:
Dialogic benadrukt dat de validatiesessies een onderzoeksactiviteit zijn. Het moet niet gezien worden als een “sneak preview” van het eindrapport. Tijdens de sessies is het niet het doel om consensus te bereiken, zo onderstreept Dialogic.
Consumentenbescherming
Consumentenbescherming is een van de drie hoofddoelen van de Wet kansspelen op afstand en van de Kansspelautoriteit. Daarbij gelden drie pijlers:
- Goede informatievoorziening voor spelers over de spellen (regels, winkansen, aanwijzing winnaars) en een laagdrempelige wijze om contact op te nemen.
- Veilig stellen van de tegoeden van spelers. Deze mogen niet negatief zijn en niet verloren gaan bij bijvoorbeeld een faillissement.
- Reclame mag niet aanzetten tot onmatig speelgedrag. Reclame mag ook niet gericht zijn aan jongvolwassenen of personen in Cruks.
In de validatiesessies die deze week gehouden worden, legt Dialogic enkele stellingen/aanbevelingen/vragen voor aan de stakeholders die participeren. Van de participanten wil het weten in hoeverre ze het eens zijn met de stelling, of er alternatieven bestaan, en wat de potentiële bezwaren en randvoorwaarden zijn bij de volgende stellingen:
- De huidige wijze van keuren van online spelsystemen past niet bij het dynamische karakter van online spellen.
- Een “nee, tenzij”-regime voor het reclamebeleid verschaft meer duidelijkheid voor de aanbieders en de consument en maakt het houden van toezicht makkelijker.
- Effectiever handhaven van illegaal aanbod staat het aan de andere kant toe om hardere restricties in te voeren voor kansspelreclame.
De deelnemers wordt tot slot gevraagd of ze het eens zijn met de aanbeveling van onder andere de Nationaal Rapporteur Verslavingen en de Consumentenbond om het makkelijker te maken om vergunninghouders aansprakelijk te stellen voor schade geleden als gevolg van het niet of onvoldoende naleven van de zorgplicht.
Verslavingspreventie
Met het reguleren van goksites in Nederland wilde de regering niet alleen consumenten beschermen, maar ook gokverslaving beter kunnen voorkomen. Daartoe stelde het in dat spelers limieten moeten kunnen instellen, het legde een zorgplicht op aan de legale aanbieders van online gokken, en het startte zelfuitsluitingsregister Cruks.
In de validatiesessie aangaande verslavingspreventie wil Dialogic weten of de doelstelling nog wel past, of wellicht te nauw is. Daarom legt het de volgende stelling voor aan de participanten en wil het weten wat de potentiële bezwaren zijn en wat de randvoorwaarden zouden moeten zijn:
- Verbreed de doelstelling van ‘het voorkomen van kansspelverslaving’ naar ‘het tegengaan van gokgerelateerde schade’.
Aangaande de rol van de vertegenwoordiger op het gebied van verslavingspreventie die ieder legaal online casino moet aanstellen, vraagt Dialogic of de participanten het beeld herkennen dat die in haar huidige rol onvoldoende bijdraagt aan de beleidsdoelstelling. Het wil weten onder welke voorwaarden die rol wel van toegevoegde waarde kan zijn.
De Wet Kansspelen op afstand voorziet in een zorgplicht en die ligt bij de aanbieders van online gokken. De zorgplicht wordt door iedere aanbieder individueel vormgegeven in een verslavingspreventiebeleid. Dit beleidsstuk wordt door de goksites opgesteld aan de hand van alle wet- en regelgeving, maar eenduidig is die niet. Daarom legt Dialogic de participanten de volgende twee stellingen voor:
- De bevoegde ministeries en onafhankelijke experts zouden centraal een verslavingspreventiebeleid op moeten stellen dat de aanbieders implementeren.
- Het opstellen van het beleid op het gebied van verslavingspreventie zou, net als bij andere verslavende producten, moeten worden ondergebracht bij het ministerie van VWS.
Ook wil het van de participanten weten wat het denkt de volgende gerelateerde stelling:
- Door de spanning die bij aanbieders bestaat om enerzijds de zorgplicht zo goed mogelijk in te willen vullen en anderzijds niet te veel beperkingen op te willen leggen uit angst dat de speler ervoor zal kiezen om elders te gaan spelen, moet de verantwoordelijkheid voor het invullen van de zorgplicht niet bij de aanbieders liggen.
Over overkoepelende speellimieten wordt al langere tijd gesproken. De staatssecretaris heeft beloofd op korte termijn meer inzichten te delen over de technische haalbaarheid en wenselijkheid hiervan.
Er zou daarom een overkoepelende signaleringsfunctionaliteit moeten zijn.
In de validatiesessie over verslavingspreventie, vraagt Dialogic nu ook naar de gedachten van de participanten bij een overkoepelende signaleringsfunctie. Mensen die op één goksite zijn opgevallen en geclassificeerd als (mogelijk) problematisch speler, moeten dan ook als ze gaan spelen bij een nieuw online casino die classificatie kunnen krijgen:
- Doordat (de meeste) aanbieders speelgedrag automatisch monitoren op hun platform wordt een speler die bij een andere aanbieder problematisch speelgedrag heeft ontwikkeld niet of te laat gesignaleerd. Er zou daarom een overkoepelende signaleringsfunctionaliteit moeten zijn.
Dialogic wil ook de gedachten van de participanten bij de volgende stelling weten:
- Het instellen van speellimieten kan niet gezien worden als beschermende maatregel als spelers maximale speeltijd en hoge bedragen in kunnen stellen.
Aangaande Cruks wordt er in de evaluatie kritisch gesproken over de onvrijwillige inschrijving, de procedure als niet iemand zichzelf inschrijft maar ingeschreven moet worden door een naaste of aanbieder:
- Het proces van onvrijwillige inschrijving in Cruks verloopt niet als beoogd en is niet doelmatig. Er zou meer gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden tot onvrijwillige inschrijving in Cruks als dit proces sneller zou zijn. De Awb speelt hierin een belangrijke rol.
Dialogic vraagt de participanten naar een route die onvrijwillige inschrijving zou kunnen versnellen? Uiteraard is het ook benieuwd naar potentiële bezwaren en randvoorwaarden daarbij. De Kansspelautoriteit heeft in gesprek met CasinoNieuws.nl eerder aangegeven ontevreden te zijn over de procedure voor onvrijwillige inschrijving.
In de validatiesessies wil Dialogic ook weten wat de participanten denken over meer informatie beschikbaar stellen aan de aanbieders over spelers en hun relatie met Cruks:
- Aanbieders zouden moeten kunnen checken (a) of een speler in Cruks staat of (b) ooit in Cruks heeft gestaan zodat ze hier in hun zorgplicht rekening mee kunnen houden, bijvoorbeeld door het voeren van re-entry gesprekken of om te voorkomen dat deze personen re-activatiecampagnes ontvangen.
Dialogic had tijdens de evaluatie van de Wet Kansspelen op afstand moeite met om de bijdrage van Loket Kansspel aan het bereiken van de doelstellingen vast te stellen aan de hand van het aantal contactmomenten. Daarom vraagt het de deelnemers welke rol het Loket Kansspel volgens hen speelt in het faciliteren van spelers naar de juiste hulp. Ook wil het weten hoe deze bijdrage vergroot zou kunnen worden en hoe de participanten denken dat dit goed gemeten kan worden.
De onderzoekers zijn ook benieuwd wat de gedachten zijn van de deelnemers bij het delen van data uit de controledatabank met onderzoekers.
De onderzoekers zijn ook benieuwd wat de gedachten zijn van de deelnemers bij het delen van data uit de controledatabank met onderzoekers.
Tot slot binnen de validatiesessie over verslavingspreventie, zijn de onderzoekers van Dialogic opzoek naar gedachten over kanalisatie als doelstelling. Het vraagt de deelnemers om hun gedachten bij de volgende stelling:
- Kanalisatie als doelstelling zou vervangen moeten worden door een doelstelling die ook niet-spelen meeweegt, om te voorkomen dat een toename van het totale aantal spelers de schijn wekt dat het kansspelbeleid haar doelen bereikt.
Tegengaan fraude en criminaliteit
Als laatste pijler houdt Dialogic een validatiesessie over het thema Tegengaan van fraude en criminaliteit.
De presentatie opent met een serie aan vragen aan de deelnemers:
- In hoeverre heeft Wet Koa bijgedragen aan het effectief voorkomen van witwassen?
- In hoeverre wordt het legaal aanbod gebruikt voor witwassen?
- In hoeverre is de inspanning van de aanbieders voldoende om de doelstelling te behalen?
- Wat zou er verbeterd kunnen worden met betrekking tot:
- De meldingen van aanbieders
- De meldingssystematiek
- De informatiedeling tussen partijen
- De betrokken partijen
Vlak voor het opengaan van de gokmarkt, ontstond er consternatie door regels die voorschreven dat vermoedens van matchfixing, onder de Wet Koa moesten worden doorgegeven aan de FIU en niet meer aan de sportbonden. Uit de vraagstelling van Dialogic blijkt dat er nog een probleem is. Dialogic vraagt de betrokkenen naar hun gedachten bij de volgende typering en is benieuwd naar mogelijke oplossingen.
- Omdat bij verdachte gokpatronen en een vermoeden van matchfixing in veel gevallen een transactie betrokken is, worden deze door vergunninghouders gemeld aan de FIU. Door de geheimhoudingsplicht uit de Wwft vervalt vervolgens de meldplicht aan de SBIU. Hiermee is de informatiedeling rondom matchfixing door de inwerkingtreding van Wet Koa verslechterd.
Dialogic vraagt ook of het tegengaan van manipulatie van sportwedstrijden überhaupt bij de Kansspelautoriteit moet liggen, of dat een andere instantie hier wellicht beter bij zou passen. Ook is het benieuwd of de SBIU-afdeling van de Kansspelautoriteit niet specifieker moet zijn in het bepalen van de sportwedstrijden waarop wel en welke niet gegokt mag worden.
“Hiermee is de informatiedeling rondom matchfixing door de inwerkingtreding van Wet Koa verslechterd.”
Tot slot wordt in de validatiesessies ingegaan op het probleem waar de Kansspelautoriteit mee kampt waar ze niet daadwerkelijk op de goksites actief kan/mag zijn. Omdat ze geen officieel account kunnen en mogen aanmaken, kan de Ksa niet effectief toezichthouden, stelt Dialogic. Dialogic noemt drie mogelijke oplossingen:
- De Ksa krijgt toegang tot fake ID’s en alle bijbehorende persona’s die noodzakelijk zijn voor het vervullen van de iDIN-check (zoals een bankrekening en een BRP-registratie);
- De Ksa maakt gebruik van externe bureaus die data van de spelersinterface verzamelen voor het houden van toezicht;
- Aanbieders maken accounts aan voor de Ksa (al dan niet met speeltegoed) waarmee de Ksa kan inloggen.
De onderzoekers van Dialogic willen van de deelnemers weten wat de voor- en nadelen van deze drie opties zijn.
CasinoNieuws is geen participant in de validatiesessies. Wie dat wel zijn, is niet publiekelijk gecommuniceerd. De goksites, de Kansspelautoriteit, Loket Kansspel, verslavingsinstellingen, en brancheverenigingen zijn vermoedelijk wel deelnemer.
16:43: Op verzoek van Dialogic zijn de presentaties uit dit artikel verwijderd.